2018 | 2019 | 2020 | 2021 | 2022 | 2023 | ||
---|---|---|---|---|---|---|---|
totaal uitgaven | 8.275,9 | 9.527,0 | 9.269,4 | 9.304,9 | 9.148,9 | 9.361,2 | |
totaal niet-belastingontvangsten | 30,6 | 19,4 | 15,6 | 16,4 | 14,5 | 14,3 | |
11 | Integraal waterbeleid | ||||||
Uitgaven | 34,4 | 31,0 | 30,9 | 31,3 | 33,0 | 33,0 | |
Ontvangsten | 0,3 | ||||||
13 | Ruimtelijke Ontwikkeling | ||||||
Uitgaven | 39,0 | 41,4 | 35,0 | 139,6 | 137,7 | 138,4 | |
Ontvangsten | 4,5 | 2,0 | |||||
14 | Wegen en verkeersveiligheid | ||||||
Uitgaven | 43,6 | 49,9 | 41,0 | 37,2 | 35,9 | 34,7 | |
Ontvangsten | 6,8 | 6,8 | 6,8 | 6,8 | 6,8 | 6,8 | |
16 | Openbaar vervoer en spoor | ||||||
Uitgaven | 19,3 | 13,2 | 13,9 | 14,2 | 14,2 | 12,2 | |
17 | Luchtvaart | ||||||
Uitgaven | 18,8 | 26,0 | 19,6 | 8,7 | 8,5 | 7,6 | |
Ontvangsten | 1,9 | 1,4 | 1,3 | 0,9 | 0,9 | 0,8 | |
18 | Scheepvaart en havens | ||||||
Uitgaven | 40,3 | 37,5 | 33,6 | 3,5 | 3,5 | 4,0 | |
Ontvangsten | 0,2 | 0,8 | |||||
19 | Klimaat | ||||||
Uitgaven | 47,6 | 40,6 | 40,9 | 40,3 | 40,9 | 40,5 | |
Ontvangsten | 0,4 | ||||||
20 | Lucht en geluid | ||||||
Uitgaven | 32,2 | 27,6 | 27,6 | 28,5 | 28,6 | 30,4 | |
21 | Duurzaamheid | ||||||
Uitgaven | 60,0 | 27,5 | 25,6 | 17,7 | 17,7 | 16,3 | |
22 | Omgevingsveiligheid en milieurisico's | ||||||
Uitgaven | 52,2 | 33,8 | 45,6 | 43,4 | 49,8 | 62,4 | |
Ontvangsten | 2,4 | 0,2 | 0,2 | 0,2 | 0,2 | 0,2 | |
23 | Meteorologie, seismologie en aardobservatie | ||||||
Uitgaven | 51,1 | 51,8 | 48,2 | 41,8 | 45,0 | 42,3 | |
24 | Handhaving en toezicht | ||||||
Uitgaven | 110,5 | 108,1 | 107,3 | 107,2 | 107,2 | 107,2 | |
25 | Bijdrage BDU | ||||||
Uitgaven | 929,6 | 900,0 | 898,5 | 887,4 | 887,4 | 887,4 | |
26 | Bijdrage investeringsfondsen | ||||||
Uitgaven | 6.387,7 | 7.796,0 | 7.564,9 | 7.582,1 | 7.417,2 | 7.622,4 | |
97 | Algemeen departement | ||||||
Uitgaven | 121,4 | 62,1 | 63,7 | 57,1 | 57,2 | 57,1 | |
Ontvangsten | 3,7 | 1,1 | 1,1 | 1,1 | 1,1 | 1,1 | |
98 | Apparaatsuitgaven Kerndepartement | ||||||
Uitgaven | 308,1 | 296,6 | 286,9 | 280,6 | 280,9 | 280,8 | |
Ontvangsten | 14,9 | 5,4 | 5,4 | 5,4 | 5,4 | 5,4 | |
99 | Nominaal en onvoorzien | ||||||
Uitgaven | – 20,1 | – 16,0 | – 13,8 | – 15,8 | – 15,8 | – 15,8 |
Artikel 11 Integraal waterbeleid
Naar aanleiding van de herverkaveling volgend uit het Regeerakkoord Rutte III van de Omgevingswet naar BZK zijn budgetten vanuit beleidsartikel 13 die samenhangen met algemeen waterbeleid overgedragen naar dit artikel.
Artikel 13 Bodem en ondergrond
De oploop vanaf 2021 wordt grotendeels veroorzaakt door reeds meerjarig overgeboekte budgetten naar het Gemeentefonds en Provinciefonds in het kader van het Convenant Bodem en Ondergrond 2016–2020. Vanaf 2021 staan de budgetten nog op dit artikel. De geactualiseerde ontvangsten betreft de ontvangsten voor de verkoop van grond voor de saneringsopgave Stormpolderdijk van de gemeente Krimpen a/d IJssel.
Artikel 14 Wegen en verkeersveiligheid
De geleidelijke daling van budget na 2018 is het gevolg van het aflopen van projecten binnen het programma Beter Benutten. De incidentele piek in 2019 komt door overheveling van budgetten vanuit de herverkaveling met EZK en de daaropvolgende herinrichting van het Ministerie van IenW.
Artikel 16 Openbaar vervoer en spoor
Vanaf 2018 daalt de omvang van dit artikel hoofdzakelijk omdat de subsidieregeling Beheersing GSM-R interferentie stopt. GSM-R is een radiosysteem dat wordt gebruikt in treinen. De subsidieregeling is een tegemoetkoming in de kosten die spoorvervoerders moeten maken voor de aanpassing of vervanging van aanwezige GSM-R treinradio’s.
Artikel 17 Luchtvaart
De hogere bedragen in 2018, 2019 en 2020 worden verklaard door 1) middelen die via de Incidentele Suppletoire Begroting inzake Wederopbouw Saba en Sint Eustatius (15,5 mln.) zijn toegevoegd en 2) extra middelen die vanuit herschikking van IenW budgetten beschikbaar zijn gesteld voor ambities uit het Regeerakkoord Rutte III op de programma’s Schiphol, Luchtruimherziening en Lelystad.
Artikel 18 Scheepvaart en havens
Het meerjarenprogramma Topsector Logistiek loopt af in 2020. Dit verklaart de daling van de budgetten vanaf 2021. De ontvangsten in 2018 zijn kosten voor de ACM die deels doorbelast worden aan de sector. De ontvangsten in 2020 zijn te ontvangen deelnemersbijdragen en sponsorbijdragen aan het door Nederland te organiseren vierjaarlijkse symposium van de IALA (International Association on Marine Aids to Navigation and Lighthouse Authorities).
Artikel 19 Uitvoering milieubeleid en internationaal
In de jaren 2018–2019 zijn de budgetten op dit artikel hoger vanwege een herschikking binnen de begroting voor het bereiken van de doelstelling uit het Energieakkoord en het uitvoeren van extra maatregelen om klimaatverandering tegen te gaan. Tevens was er overheveling van budgetten vanuit de herverkaveling met EZK en de daaropvolgende herinrichting van het Ministerie van IenW.
Artikel 20 Lucht en geluid
De hogere uitgaven in 2018 worden veroorzaakt doordat de financiële afwikkeling en nabetaling in het kader van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit in dat jaar is voorzien.
Artikel 21 Duurzaamheid
De piek in 2018 betreft grotendeels de toegevoegde middelen voor IenW vanuit de Enveloppe Klimaat vanuit het Regeerakkoord Rutte III. Tevens zijn er budgetten overgeheveld vanuit de herverkaveling met EZK en de daaropvolgende herinrichting van het Ministerie van IenW.
Artikel 22 Omgevingsveiligheid en milieurisico’s
De lagere stand op dit artikel in het jaar 2019 wordt verklaard door een overboeking naar het Provinciefonds ten behoeve van het Programma Impuls Omgevingsveiligheid (IOV). Na 2018 stijgt het budget. Dit hangt samen met de oploop in het beschikbare budget voor het Programma IOV.
Artikel 23 Meteorologie, seismologie en aardobservatie
De lagere stand op dit artikel vanaf 2020 is het gevolg van de lagere contributie van het KNMI aan EUMETSAT, het Europese programma voor aardobservatie. De hogere uitgaven in 2018 en lagere uitgaven in 2021 zijn het gevolg van een kasschuif voor het Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut (KNMI) waarmee de budgettaire reeks in overeenstemming wordt gebracht met de actuele raming van de contributiebetaling aan EUMETSAT.
Artikel 24 Handhaving en toezicht
Op dit artikel wordt de financiële bijdrage van IenW aan de Inspectie Leefomgeving en transport (ILT) geraamd.
Artikel 25 Bijdrage BDU
Het budget van de Brede Doeluitkering ligt in 2018 hoger vanwege een overboeking vanuit het Infrastructuurfonds voor het project Beter Benutten.
Artikel 26 Bijdragen Investeringsfondsen
Op dit artikel worden de bijdragen aan het Infrastructuurfonds en het Deltafonds verantwoord. De ontwikkeling van dit artikel wordt toegelicht in de horizontale toelichting van het Infrastructuurfonds en het Deltafonds.
Artikel 97 Algemeen Departement
De hogere stand in 2018 wordt verklaard door 1) middelen voor de reservering voor de vervanging van het regeringsvliegtuig en 2) middelen die via de Incidentele Suppletoire Begroting inzake Thermphos zijn toegevoegd.
Artikel 98 Apparaatsuitgaven Kerndepartement
De uitgaven aan apparaat nemen af als gevolg van lagere uitgaven aan eigen personeel en externe inhuur. De hogere ontvangsten in 2018 bestaan uit bijdragen van agentschappen voor uitgaven bedrijfsvoering.
Artikel 99 Nominaal en onvoorzien
Er is een structurele minregel, oplopend van 20 mln. in 2018 – 2020 naar 23 mln. vanaf 2021, ingeboekt op de IenW-begroting in afwachting van concrete invulling. In de loop van het jaar wordt dit concreet ingevuld met onderuitputting waarvan bij aanvang van het jaar nog niet bekend is waar deze precies optreedt. Tevens zijn de Cybersecurity middelen, een oplopende reeks van 4 mln. in 2019 naar 7 mln. structureel, vanuit het Regeerakkoord Rutte III op dit artikel geplaatst.