Base description which applies to whole site

3. Beleidsprioriteiten

Inleiding

Het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) staat voor een duurzaam en ondernemend Nederland. Samen met partners in binnen- en buitenland werkt EZK aan de welvaart van alle Nederlanders, nu en later. De uitbraak van het coronavirus zet de burgers, bedrijven en overheid voor grote uitdagingen. Wij onderhouden daarom intensief contact met onze partners en spannen ons in om waar mogelijk bedrijvigheid en baanbehoud te ondersteunen door de steun- en herstelpakketten. Tegelijkertijd werken we aan de hervatting van de groei, in lijn met de Groeistrategie van het kabinet. Daarnaast werken wij aan onze ambitieuze klimaatambities, op weg naar een duurzame samenleving met schone, betrouwbare en betaalbare energie. We staan voor een open economie met een sterke internationale concurrentiepositie. We stimuleren innovatie en benutten de economische en maatschappelijke kansen van digitalisering. We geven ondernemers de ruimte en borgen de balans tussen de belangen van bedrijven en consumenten. Deze opgaven vragen dat verduurzaming en economische ontwikkeling samengaan. Er liggen steeds meer economische kansen in een voorlopersrol bij transities op het gebied van klimaat, energie en digitalisering door expertise en technologie te exporteren naar landen die vroeg of laat zullen verduurzamen en digitaliseren. Hieraan werkt EZK niet alleen, maar samen met alle betrokken partijen.

Macro-economisch beeld en uitdagingen voor EZK

De Nederlandse economie draaide voor de uitbraak van het coronavirus op volle kracht en groeide bijna zes jaar aaneengesloten. Op veel aspecten van de brede welvaart stond Nederland er goed voor: de gezondheidszorg stond op een zeer hoog peil, het vertrouwen in elkaar was groot en de overheidsfinanciën waren op orde. De uitbraak van het coronavirus heeft een enorme impact, maar met de vormgeving van de gedeeltelijke lockdown hebben de economische activiteiten ten dele doorgang kunnen vinden en hebben de steun- en herstelpakketten een groot deel van de klap opgevangen. In 2020 kromp de Nederlandse economie met 3,8% en liep de werkloosheid op naar 4,1%. De impact van de coronacrisis op de Nederlandse economie was hiermee beperkter dan in het eurogebied (-6,8%). Daarnaast daalde het welbevinden van mensen mede omdat zij onzeker zijn over hun baan en inkomen1 en leidde de verminderde economische activiteiten tot een tijdelijk verlaagde milieudruk.2 

De coronacrisis versterkt de vertraging van de productiviteitsgroei. Uitstel en afstel van investeringen en ontslagen brengen permanente schade toe aan de economie in de vorm van vernietiging van menselijk, technologisch en immaterieel kapitaal. De verwachting is dat het bbp-volume in 2025 4% lager is dan was geraamd voor de crisis.3 Het is daarom van belang om de neerwaartse trend in productiviteitsgroei te doorbreken. Niet als doel op zich, maar vanuit de wetenschap dat economische groei nodig is voor brede welvaart. Zonder groei is het niet mogelijk om de collectieve voorzieningen - van de zorg, AOW, pensioenen en defensie tot het onderwijs - op peil te houden, laat staan te verbeteren. Daarnaast is productiviteitsgroei bepalend voor loongroei, zodat huishoudens ook de economische groei terugzien in hun portemonnee.

EZK heeft daarom ook in 2020 gewerkt aan de groeistrategie voor Nederland op de lange termijn, waarin het kabinet aangeeft waar kansen liggen om het duurzame verdienvermogen van Nederland te versterken. Het kabinet geeft een belangrijke impuls aan onderzoek en innovatie door de oprichting van het Nationaal Groeifonds, waarmee de komende jaren fors wordt geïnvesteerd in het verdienvermogen van Nederland op de lange termijn. Daartoe is € 20 mld beschikbaar om te investeren op drie terreinen die het meest kunnen bijdragen aan productiviteitsgroei: infrastructuur, kennisontwikkeling, en R&D en innovatie. Een onafhankelijke beoordelingsadviescommissie zal de investeringsvoorstellen binnen deze pijlers beoordelen en daarover een advies aan het kabinet uitbrengen.4

Ondernemend Nederland

Nederland heeft een sterke private sector, vol met vernieuwers en toekomstbouwers, een vestigingsplaats voor het mkb, innovatieve starters en grote, internationale bedrijven. De coronacrisis brengt tegelijkertijd grote uitdagingen mee en vergt een snel aanpassingsvermogen. Het bedrijfsleven is dynamisch en komt in een rap tempo met innovatieve oplossingen door nieuwe technologieën toe te passen, effectief op te schalen, en het onbekende aan te gaan. In 2020 stond Nederland op plek vijf op de Global Innovation Index. Het EZK-beleid was erop gericht ondernemers de ruimte te geven om tot vernieuwing te komen. Zo heeft EZK beleid gevoerd om innovatie te stimuleren, digitalisering te versnellen en de juiste randvoorwaarden te creëren met bijvoorbeeld het MKB-actieplan, Missiegedreven Topsectoren- en Innovatiebeleid (MTIB) en Europese en regionale samenwerking. Met de Visie op de toekomst van de (maak)industrie in Nederland geeft het kabinet de koers aan naar de duurzame en digitale toekomst van de maakindustrie in Nederland en in een strategisch Europees industriebeleid.5

De strijd tegen het coronavirus heeft een grote impact op ondernemers, van groot tot klein en in veel verschillende sectoren. Om het virus een halt toe te roepen, zijn gedeeltelijke lockdowns en andere contactbeperkende maatregelen nodig geweest. Dat heeft noodzakelijkerwijs tot gevolg gehad dat ondernemers geen of minder omzet konden maken, werknemers niet naar het werk konden komen en zaken doen buitengewoon moeilijk was. EZK heeft daarom vanaf het begin van de coronacrisis ingezet op zo veel mogelijk behoud van banen, bedrijvigheid en inkomen. Door intensief contact met diverse sectoren zijn knelpunten daarvoor in kaart gebracht en heeft EZK bijgedragen aan de protocollen en maatregelen die onderdeel waren van de intelligente lockdown om de impact op de economie te beperken. Ook heeft EZK in nauwe samenwerking met andere ministeries het herstel- en steunpakketten opgezet met financiële regelingen, bijvoorbeeld de Tegemoetkoming Ondernemers Getroffen Sectoren (TOGS) die in het tweede noodpakket vervangen werd door de Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL). Aan bijna 216.000 bedrijven is een TOGS-aanvraag toegekend, circa 42 duizend bedrijven zijn ondersteund in de TVL-1 en circa 48 duizend bedrijven hebben al TVL ontvangen voor het vierde kwartaal van 2020.6 Om te voorzien in liquiditeit zijn de Klein Krediet Corona (KKC), BMKB-C, Corona-Overbruggingslening (COL), Qredits en Garantie Ondernemingsfinanciering uitbraak coronavirus (GO-C) regelingen opgericht. In totaal zijn circa 16.000 van deze leningen uitgegeven met een totaalbedrag van bijna € 1,6 mld.7

Innovatie

Innovatie draagt bij aan oplossingen voor maatschappelijke uitdagingen, is een belangrijke driver voor productiviteitsgroei en levert een bijdrage aan de versterking van onze concurrentiekracht. In 2020 is het Missiegedreven Topsectoren- en Innovatiebeleid (MTIB) van start gegaan, dat 30 partijen (topsectoren, departementen, NWO, TNO en andere kennisinstellingen, regio’s, universiteiten, hogescholen) bijeen brengt om missies te realiseren en economische kansen te verzilveren op kennis- en innovatieagenda’s. Ook is de communicatie en informatievoorziening dit jaar sterk verbeterd door updates van diverse Rijks- en topsectorenwebsites en het uitwerken van een communicatiestrategie voor het MTIB. Verder is besloten om de mkb-innovatiestimulering Regio en Topsectoren (MIT)-regeling in 2021 ook langs de maatschappelijke thema’s te organiseren om betere aansluiting van het instrumentarium op de thema’s en missies te realiseren.8

EZK heeft in samenwerking met andere departementen en veldpartijen voorstellen voor het Nationaal Groeifonds ingediend.9 Daarnaast heeft het kabinet de strategie Versterken van onderzoeks- en innovatie-ecosystemen gepubliceerd. Deze strategie onderstreept het belang van samenwerking in ecosystemen en biedt onder meer handvatten aan consortia en samenwerkingsverbanden om tot kansrijke voorstellen te komen voor de pijler R&D en innovatie van het Nationaal Groeifonds.10

MKB-actieplan

Het mkb zorgt voor werkgelegenheid, levert nieuwe producten en diensten, en draagt bij aan oplossingen voor alledaagse en maatschappelijke uitdagingen. Om mkb’ers nog beter in staat te stellen de vruchten te plukken van de groeiende en snel veranderende economie heeft EZK in 2018 het MKB-actieplan gelanceerd.11 EZK heeft in 2020 daar verder uitvoering aan gegeven. De tweede voortgangsrapportage laat zien dat het mkb op alle fronten een sterke infrastructuur heeft staan van samenwerking, wet- en regelgeving en dienstverlening vanuit de overheid. Dat geeft het vertrouwen dat we samen met het mkb een weg uit de crisis weten te vinden.12

Regionale ontwikkeling

Voor het bereiken van veel beleidsdoelstellingen van EZK is een goede samenwerking met de regio essentieel. Dit geldt ook voor het economisch herstel. Regionale Ontwikkelings Maatschappijen (ROM’s) vervullen een belangrijke rol in de kracht van regionale economieën door het creëren van nieuwe arbeidsplaatsen en investeringen in de regio. Voor inclusief herstel stelde het kabinet € 150 mln beschikbaar om het fondsvermogen van ROM’s te versterken, waarin de regio’s cofinanciering verschaffen.13 Daarnaast heeft EZK samen met de gemeenten, provincies en ROM’s in het kader van het IPO Herstelplan een aantal prioritaire thema’s voor het herstel van de regionale economieën benoemd, zoals innovatie, breed mkb, human capital en gebiedsontwikkeling waarop concrete afspraken en acties zijn geformuleerd.14

Europese en internationale samenwerking

Nederland staat voor veel uitdagingen die om oplossingen op Europees en wereldniveau vragen, bijvoorbeeld de transities naar een digitale en duurzame economie, het versterken van onze concurrentiekracht en de Brexit. Op het terrein van digitalisering heeft EZK gewerkt aan de beïnvloeding en uitwerking van de Europese digitale strategie.15 Samen met een grote groep gelijkgestemde landen heeft Nederland de Commissie opgeroepen een breed pakket mededelingen aan te kondigen, met onder andere een lange termijn EU industriestrategie16, een MKB-strategie17 en een actieplan handhaving interne markt inclusief een rapport over belemmeringen op de interne markt.1819 Onder Nederlands voorzitterschap van Eureka, een intergouvernementeel samenwerkingsverband tussen 45 landen en de Europese Commissie gericht op stimuleren van internationale en marktgerichte R&D-projecten, is gewerkt aan de verlenging van het Eurostarsprogramma voor innovatieve mkb’s en aan de hervorming van Eureka clusters zodat deze beter aansluiten bij nationale innovatieprioriteiten en financieringsmogelijkheden binnen en buiten Europa. Verder heeft Nederland samen met Duitsland gewerkt aan de voorbereiding van totstandkoming van een innovatiepact, waaronder invulling gegeven kan worden aan strategische publiek-private samenwerking op verschillende innovatiethema’s.20

Een gelijk speelveld met bedrijven uit derde landen en een goed functionerende interne markt dat klaar is voor het digitale tijdperk is een belangrijke beleidsprioriteiten geweest waar EZK zich op Europees niveau voor heeft ingespannen. De Commissie heeft een witboek buitenlandse subsidies gepresenteerd over het gelijktrekken van het speelveld op de interne markt in relatie tot overheidssubsidies uit derde landen.21 Daarnaast zijn ook nieuwe voorstellen gepresenteerd om de digitale interne markt beter te laten functioneren, de zogenoemde Digital Services Act en de Digital Markets Act.

EZK heeft daarnaast in nauwe samenwerking met andere betrokken departementen, RVO.nl, VNO-NCW en brancheverenigingen het bedrijfsleven middels initiatieven als het Brexitloket geïnformeerd over de stand van zaken van de onderhandelingen en gevolgen van de Brexit en waar mogelijk contingency maatregelen getroffen.22 Het akkoord tussen de EU en het Verenigd Koninkrijk heeft op de valreep een no-deal scenario voorkomen.

Binnen de EU is er nauw samengewerkt om verstoringen door de coronacrisis zo veel mogelijk te mitigeren. Op Europees niveau werden in aanvulling op de nationale inspanningen onder andere via een akkoord voor het EU Meerjarig Financieel Kader 2021-2027, een Europees herstelplan ‘Next Generation EU’ en het Europees Semester stappen gezet om het economisch herstel na de coronacrisis aan te jagen en te ondersteunen.23 Ondertussen zijn ambtelijke inventarisaties van kansrijke maatregelen voor het Nederlandse Recovery and Resilience Plan (RRP) van start gegaan. Omdat het kabinet een stevig en ambitieus plan wil indienen, is ervoor gekozen dit in de formatie mee te nemen en het nieuwe kabinet het definitieve besluit over het RRP te laten nemen. Zo behoudt een volgend kabinet de ruimte om te kiezen welke additionele hervormingen en investeringen een plek krijgen in het nationale plan voor de komende jaren.

Economische veiligheid

Veiligheid en economie raken steeds meer verweven door de geopolitieke ontwikkelingen. Om ongewenste overnames in de telecomsector tegen te kunnen houden, is de Wet ongewenste zeggenschap in de telecommunicatie gepubliceerd.24 Daarnaast heeft het kabinet op basis van een nationale risicoanalyse aanvullende beschermingsmaatregelen aangekondigd om de veiligheid en integriteit van de telecomnetwerken te waarborgen.25 Het Besluit veiligheid en integriteit telecommunicatie biedt de juridische grondslag om bij ministeriële regeling nadere technische en organisatorische maatregelen aan de telecomaanbieders te stellen.26 De ontwerpregeling hiervoor is in november 2020 voorgelegd ter internetconsultatie. Verder kan het Besluit per beschikking telecomaanbieders verplichten om in kritieke onderdelen van hun netwerken uitsluitend gebruik te maken van anderen dan de daarbij genoemde partijen. Tevens is voor de telecomsector een structureel proces ingericht. In samenwerking tussen de rijksoverheid en telecomaanbieders worden ontwikkelingen in dreigingen en in de techniek gedeeld en in samenhang bezien. Op deze manier wordt continu gewerkt aan de weerbaarheid van telecomnetwerken. Deze maatregelen sluiten aan bij de Europese ontwikkelingen, zoals de EU Toolbox 5G van 29 januari 2020. 27

De Nederlandse economie is gebaat bij een sterk mondiaal handels- en investeringssysteem dat vrije handel faciliteert. In de Europese Raad is strategische autonomie met behoud van een open economie als nieuw doel aangemerkt voor de EU. EZK heeft zich in dit beleidsdebat ingespannen voor het behoud van openheid, maatwerk en proportionaliteit. Buitenlandse overnames en investeringen brengen kennis met zich mee en zorgen voor het uitwisselen van technologieën en ideeën. Geopolitieke en technologische ontwikkelingen leggen echter kwetsbaarheden bloot. In sommige gevallen kunnen buitenlandse overnames en investeringen bepaalde publieke belangen onder druk zetten. Daartoe is het Bureau Toetsing Investeringen gestart met uitvoering van de investeringstoetsing op risico's voor de nationale veiligheid bij overnames en investeringen.2829

Digitalisering en digitale connectiviteit

De coronacrisis versnelt de transitie van offline naar online en maakt duidelijk dat digitalisering doorgang biedt aan onze dagelijkse activiteiten. Dankzij digitale technologieën, was het mogelijk om thuis te (blijven) werken, online aankopen te doen, elkaar digitaal te ontmoeten en konden allerlei overheidsprocessen doorgang blijven vinden. De stap van offline naar online was een stresstest voor onze digitale infrastructuur en heeft aangetoond hoe belangrijk het is dat we onze randvoorwaarden voor digitalisering op orde hebben.

Met de Nederlandse Digitaliseringsstrategie zet het kabinet in op het verantwoord benutten van de kansen van digitalisering voor economie en samenleving. In 2020 is daar uitvoering aan gegeven door een financiële impuls te geven aan de Nederlandse AI Coalitie van € 23,5 mln voor de periode 2020-2024, de start van de Datadeelcoalitie en wordt er met meer dan 20 partijen uit verschillende sectoren gewerkt aan generieke afspraken die het delen van data tussen sectoren moet vergemakkelijken.30 Het aantal smart industry fieldlabs groeide naar 45 en hebben samen € 314 mln aan investeringen gemobiliseerd.31 Om de veiligheid van burgers en ondernemers in het digitale domein te waarborgen zet het kabinet onder andere in op voorlichtingscampagnes, zoals ‘Eerst checken dan klikken’ en ‘Doe je updates’. Ook ondersteunt het Digital Trust Center (DTC) bedrijven om digitaal veilig te ondernemen.

Op het terrein van connectiviteit heeft het kabinet onder meer via de implementatie van de Telecomcode, de multibandveiling voor het gebruik van de 700-, 1400- en 2100 MHz frequenties32 en de voorbereidingen voor de 3,5 Ghz veiling33 gewerkt aan kwalitatief hoogwaardige connectiviteit gewerkt die een grote diversiteit aan vraag kan bedienen en altijd en overal beschikbaar is tegen concurrerende tarieven. Met de implementatie van het eerste deel van de Telecomcode heeft de ACM een aanvullende mogelijkheid om toegangsregulering op te leggen en is het overstappen naar een andere telecomaanbieder voor consumenten en kleine ondernemers beter geregeld.34

Mededinging en consumentenbeleid

Digitale platforms spelen een steeds grotere rol in onze samenleving. EZK zet zich in voor het competitief houden van platformmarkten en voor het beschermen van ondernemers en consumenten die gebruik maken van digitale platforms. Om het mededingingsbeleid aan te laten sluiten bij de ontwikkelingen in de digitale economie, heeft EZK zich met succes in Europa sterk gemaakt voor aanvullende regelgeving voor platforms waar consumenten of ondernemers nauwelijks omheen kunnen.35 De Europese Commissie heeft een voorstel voor dergelijke regelgeving gepubliceerd waarin veel van de Nederlandse ideeën terugkomen.36 Ook is voor telemarketing een wetsvoorstel aan de Tweede Kamer aangeboden dat het opt-out-systeem vervangt door een opt-in-systeem.37

Daarnaast is het postvolume in Nederland sinds 2005 met meer dan 60% afgenomen, waardoor de maatschappelijke functie van de postvoorziening onder druk komt te staan. Om de Postwet beter te laten aansluiten bij de huidige marktomstandigheden is een voorstel tot herziening van de Postwet ingediend bij de Tweede Kamer.38 Tevens is de vergunning van EZK voor de concentratie tussen Sandd en PostNL door de rechtbank Rotterdam vernietigd. EZK is in hoger beroep gegaan tegen deze uitspraak en bereidt parallel een nieuw vergunningsbesluit voor.

Duurzaam Nederland

De aarde warmt op en de gevolgen hiervan zijn steeds groter en beter merkbaar. EZK staat voor een duurzaam Nederland, waarin volgende generaties tenminste dezelfde mogelijkheden hebben als de huidige. Een transitie naar een klimaatneutrale economie is van groot belang om klimaatverandering en de impact ervan te beperken. Samen met andere departementen heeft EZK zich ingezet om te komen tot 49% broeikas-gasreductie in 2030 en is er gezamenlijk met Europese partners gewerkt aan de uitwerking van de Green Deal en het akkoord op de EU broeikasgasreductiedoelstelling voor 2030 van tenminste 55%.39 Dit zal ook een extra nationale opgave betekenen voor Nederland. Om op de verhoogde ambitie voorbereid te zijn heeft het kabinet een onafhankelijke ambtelijke studiegroep ingesteld onder voorzitterschap van Laura van Geest. Deze studiegroep heeft beleidsopties in kaart gebracht voor het volgende kabinet om invulling te geven aan de aangescherpte Europese doelstelling.

Klimaatakkoord

De uitvoering van het Klimaatakkoord is in 2020 begonnen en ligt op schema ondanks de grote impact van de coronacrisis op de uitvoering van meeste maatregelen. De eerste Klimaatnota is door het kabinet aan het parlement aangeboden op basis van de Klimaatwet. Deze nota bevat de appreciatie van het kabinet op de voortgang van het klimaatbeleid mede op basis van de Klimaat en Energieverkenning en schetst de prioriteiten voor het aankomende jaar.40 Ook is voor de eerste keer de Monitor Klimaatbeleid aan de Kamer aangeboden. De Monitor Klimaatbeleid is een jaarlijkse bijlage bij de Klimaatnota die zowel de hoofdlijnen bevat van de voortgang over het afgelopen jaar van beleid en afspraken, als aan de hand van kernindicatoren ontwikkelingen beschrijft (rand)voorwaarden, (gedrags)veranderingen en beleidsrelevante resultaten. Tevens is het duurzaamheidskader biogrondstoffen aan de Kamer aangeboden.41 Dit kader geeft richting aan de inzet van duurzame biomassa in Nederland voor de verschillende toepassingen, waarbij laagwaardige toepassingen worden afgebouwd en hoogwaardige toepassingen worden gestimuleerd.

Deze grote inspanningen werden helaas nog niet gereflecteerd in de cijfers van de KEV2020, als gevolg van factoren die buiten de invloedsfeer van het Klimaatakkoord liggen. Zo waren een aantal belangrijke regelingen nog onvoldoende uitgewerkt om meegenomen te worden, zorgde de daling voor de gasprijs voor extra uitstoot en was er sprake van een statistische bijstelling.42 Hierdoor blijft de prognose voor 2030 hangen op 34% emissiereductie ten opzichte van 1990, met een bandbreedte van 30-40%. Dat betekent dat nog forse stappen gezet moeten worden om invulling te geven aan de Europese 49% reductiedoelstelling.

Naast het eerste jaar van de uitvoering van Klimaatakkoord heeft het kabinet maatregelen aangekondigd die bijdragen aan de uitvoering aan het Urgenda-vonnis om op korte termijn CO2-emissies te reduceren. Dit vonnis verplichtte Nederland om in 2020 een broeikasgasreductie van 25% ten opzichte van 1990 te realiseren.43 Daartoe wordt de inzet van de drie nieuwste kolencentrales fors teruggebracht, neemt het kabinet gerichte maatregelen in de industrie op basis van vrijwilligheid en worden ondernemers en huishoudens gestimuleerd om zelf reductiemaatregelen te nemen die ook in hun eigen portemonnee iets opleveren. 44 Daarbovenop heeft het kabinet een subsidieregeling opengesteld voor de vrijwillige sluiting van één kolencentrale.45 

Verduurzaming industrie

De klimaatdoelstellingen brengen uitdagingen met zich mee, maar bieden ook kansen voor de Nederlandse industrie en ons verdienvermogen. Met de Visiebrief Verduurzaming Industrie geeft het kabinet koers aan de toekomst van de basisindustrie in Nederland.46 Daarvoor heeft Nederland al veel in huis: onder andere door de gunstige ligging aan de Noordzee als bron voor groene energie, synergievoordelen van industrieclusters, en de kennis en kunde bij bedrijven en kennisinstellingen. Door de publieke rol de komende jaren langs de assen innovatie, opschaling, infrastructuur en wet- en regelgeving te versterken en aan de private sector duidelijkheid te bieden, laten we investeringen in verduurzaming in Nederland landen en kan de Nederlandse basisindustrie koploper worden op duurzame industrietechnieken en tegelijkertijd nieuw verdienvermogen creëren in bestaande en nieuwe industriële waardeketens.

Het kabinet heeft toegezegd om invulling te geven aan het advies van de Taskforce Infrastructuur Klimaatakkoord Industrie (TIKI) door middel van het op te richten nationaal Programma Infrastructuur Duurzame Industrie (PIDI).47 Daarmee beoogt EZK de komende decennia een duurzame basisindustrie in Nederland te behouden en uit te breiden. Duurzaam betekent dat deze industrie kan voldoen aan de afspraken uit het Klimaatakkoord. Een tijdige realisatie van de infrastructuur voor waterstof, CO2, elektra, warmte, gas en circulaire grondstoffen is daarbij essentieel.

Verder is een wetsvoorstel voor CO2-heffing in de industrie ingediend, aangenomen en per 1 januari 2021 ingevoerd, zoals afgesproken in het Klimaatakkoord.48 De CO2-heffing is onderdeel van een breed maatregelenpakket voor de industrie en is erop gericht de reductiedoelstelling voor de industrie uit het Klimaatakkoord te borgen en daarmee een belangrijke voorwaarde voor het realiseren van een koploperpositie in industriële verduurzaming.

Energie- en warmtewet

De energietransitie vraagt om aanpassingen in wet- en regelgeving. Daartoe is eind 2020 het wetsvoorstel Energiewet opgegeven voor internetconsultatie. In dit wetsvoorstel worden afspraken uit het Klimaatakkoord, met name van de elektriciteitstafel, in wetgeving omgezet en worden de aangekondigde maatregelen in de Kamerbrief over de Energiewet uitgevoerd.49

Naast de Energiewet, heeft ook het wetsvoorstel Wet Collectieve Warmtevoorziening in 2020 voorgelegen ter internetconsultatie.50 Het wetsvoorstel heeft tot doel de groei en verduurzaming van collectieve warmtesystemen in de gebouwde omgeving te faciliteren, om zo uitwerking te geven aan de klimaatdoelen en de afspraken uit het Klimaatakkoord.51 Daarnaast bevat het wetsvoorstel ook maatregelen om verbruikers te beschermen tegen de marktmacht van warmtebedrijven. De maatregelen in dit wetsvoorstel leiden tot meer zekerheden en een betere borging van de publieke belangen, waardoor de bereidheid tot investeringen in collectieve warmtesystemen toenemen. De consultatiereacties, uitkomsten van bestuurlijk overleggen met de medeoverheden en van de diverse uitvoeringstoetsen worden momenteel verwerkt in het wetsvoorstel alvorens het aan de Raad van State wordt aangeboden voor advies.52

Gaswinning Groningen

De gaswinning in Groningen leidt tot schade aan woningen en gebouwen en heeft daarbij een grote maatschappelijke impact. Door het sluiten van het Norg principeakkoord met Shell en ExxonMobil wordt het mogelijk om al vanaf medio 2022 de gaswinning naar nul te brengen in een wat temperatuur betreft gemiddeld jaar. De veiligheid van de bewoners van Groningen staat daarmee op de eerste plaats. De financiële tegemoetkoming aan Shell en ExxonMobil via de Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM) voor de gewijzigde inzet van Norg zal worden voorgelegd aan een arbitragepanel dat de kosten zal bepalen.53

Ten aanzien van de schadeafhandeling is het Instituut Mijnbouwschade Groningen per 1 juli 2020 bevoegd om alle verschillende soorten schade af te handelen. Bewoners en bedrijven in Groningen kunnen hun schade langs publiekrechtelijke weg afhandelen, waar de NAM op geen enkele manier bij betrokken is. Er zijn verder bestuurlijke afspraken gemaakt met de provincie Groningen en de zeven gemeenten in het aardbevingsgebied over de toepassing van de nieuwste seismische en bouwkundige inzichten bij de versterking van de gebouwen.54 Door de toepassing van deze inzichten kan de versterking sneller worden uitgevoerd. Om te voorkomen dat er verschillen ontstaan tussen huizen die onder het oude regime zijn versterkt en huizen die onder het nieuwe regime vallen, zijn afspraken gemaakt om niet uitlegbare verschillen in het gebied te voorkomen. Bewoners kunnen gebruik maken van stimuleringsregelingen voor onder andere verduurzaming. Dit geldt voor iedereen in het aardbevingsgebied en niet alleen de bewoners die onderdeel zijn van de versterkingsoperatie.

Tot slot

De coronapandemie zet de Nederlandse economie en ondernemers voor grote uitdagingen. EZK ziet het als haar medeverantwoordelijkheid om in samenwerking met de andere ministeries herstel- en steunpakketten op te richten die de economie, ondernemers en burgers door de coronacrisis heen te loodsen. Niettemin heeft EZK met bedrijven, kennisinstellingen en medeoverheden voortgang gemaakt op verduurzaming en vernieuwing van de economie. Transities op het gebied van klimaat, energie en digitalisering hebben impact, en dus is het belangrijk dat alle Nederlanders zich betrokken en gehoord blijven voelen. Hieraan werkt EZK in grote, complexe trajecten zoals het Klimaatakkoord en met heel concrete initiatieven, zoals bij de oprichting van MKB-werkplaatsen in diverse regio’s. Dit alles doen we om onze welvaart en welzijn nu, en van toekomstige generaties, veilig te stellen.

Realisatie beleidsdoorlichtingen

Tabel 1 Realisatie beleidsdoorlichtingen

Art.

Naam artikel

2014

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Geheel artikel?

1

Goed functionerende economie en markten

  

x

    

ja

2

Bedrijvenbeleid: innovatie en ondernemerschap voor duurzame welvaartsgroei

 

x

    

x1

ja

3

Toekomstfonds

      

x2

ja

4

Een doelmatige energievoorziening en beperking van de klimaatverandering

x

   

x3

  

ja

5

Een veilig Groningen met perspectief

       

ja

1

Omdat het beleid onder artikel 2 met de taakopdracht «Innovatieve Samenleving» meeliep in de «Brede Maatschappelijke Heroverwegingen», waarin de RPE-vragen 11 t/m 14 zijn beantwoord, kwam de geplande reguliere beleidsdoorlichting in 2020 te vervallen.

2

Omdat het beleid onder artikel 3 met de taakopdracht «Innovatieve Samenleving» meeliep in de «Brede Maatschappelijke Heroverwegingen», waarin de RPE-vragen 11 t/m 14 zijn beantwoord, kwam de geplande reguliere beleidsdoorlichting in 2020 te vervallen.

3

Betreft de beleidsdoorlichting Klimaat die van IenW is overgegaan naar EZK (dit omvat slechts een deel van het oude artikel 19 van voormalig IenM).

Artikel 1: De beleidsdoorlichting van voormalig artikel 11 is in april 2016 aan de Tweede Kamer aangeboden (Kamerstuk 30 991, nr. 31).

Artikel 2: De beleidsdoorlichting van voormalige artikelen 12 en 13 is in mei 2015 aan de Tweede Kamer aangeboden (Kamerstuk 30 991, nr. 23). Omdat het beleid onder artikel 2 met de taakopdracht «Innovatieve Samenleving» meeliep in de «Brede Maatschappelijke Heroverwegingen», waarin de RPE-vragen 11 t/m 14 ook zijn beantwoord (Kamerstuk 32 359, nr. 4 - bijlage Innovatieve Samenleving, april 2020), kwam de geplande reguliere beleidsdoorlichting in 2020 te vervallen.

Artikel 3: Dit artikel (voormalig artikel 19) en is in 2015 aan de begroting toegevoegd. Omdat het beleid onder artikel 3 met de taakopdracht «Innovatieve Samenleving» meeliep in de «Brede Maatschappelijke Heroverwegingen», waarin de RPE-vragen 11 t/m 14 ook zijn beantwoord (Kamerstuk 32 359, nr. 4 - bijlage Innovatieve Samenleving, april 2020), kwam de geplande reguliere beleidsdoorlichting in 2020 te vervallen.

Artikel 4: De beleidsdoorlichting van voormalig artikel 14 is in december 2014 aan de Tweede Kamer aangeboden (Kamerstuk 30 991, nr. 17). De beleidsdoorlichting Klimaat is in december 2018 aan de Tweede Kamer aangeboden (Kamerstuk 30 991, nr. 34).

Artikel 5: Dit artikel is in 2016 aan de begroting toegevoegd. Voor artikel 5 staat in 2021 een parlementaire enquête gaswinning Groningen in de planning waarmee de geplande beleidsdoorlichting komt te vervallen.

Voor het meest recente overzicht van de programmering van beleidsdoorlichtingen, klik op deze link.Voor de realisatie van andere onderzoeken, zie bijlage 2 «Afgerond evaluatie- en overig onderzoek».

Overzicht van risicoregelingen

Tabel 2 Overzicht verstrekte garanties (bedragen x € 1.000)

Artikel

Omschrijving

Uitstaande garanties 2019

Verleend 2020

Vervallen 2020

Uitstaande garanties 2020

Garantieplafond

Totaal plafond

Totaalstand risicovoorziening

Artikel 2 Bedrijvenbeleid: innovatie en ondernemerschap voor duurzame welvaartsgroei

BMKB

1.868.331

379.510

441.175

1.806.666

765.000

 

123.339

 

BMKB-Corona

 

448.317

22.024

426.293

 

735.000

214.636

 

Garantie Ondernemings-financiering (GO)

320.912

187.173

104.066

404.019

1.500.000

 

72.131

 

GO-Corona

 

611.505

54.378

557.127

 

8.500.000

176.999

 

Groeifaciliteit

91.193

2.100

41.478

51.815

85.000

 

15.436

 

Klein Krediet Corona

 

36.352

 

36.352

 

713.000

164.763

 

Microkredieten

124.980

5.000

 

129.980

 

130.000

 
 

Garantie MKB-financiering

268.200

 

40.000

228.200

 

268.200

20.213

Artikel 4 Een doelmatige energievoorziening en beperking van de klimaatverandering

Garantieregeling Aardwarmte

45.475

 

32.900

12.575

66.600

 

17.499

Totaal

 

2.719.091

1.669.957

736.021

3.653.027

2.416.600

10.346.200

805.016

Tabel 3 Overzicht uitgaven en ontvangsten garanties (bedragen x € 1.000)

Artikel

Omschrijving

Uitgaven 2019

Ontvangsten 2019

Saldo 2019

Uitgaven 2020

Ontvangsten 2020

Saldo 2020

Totaalstand mutatie volume risicovoorziening 2020 en (2019)

Artikel 2 Bedrijvenbeleid: innovatie en ondernemerschap voor duurzame welvaartsgroei

BMKB

23.682

37.196

13.514

16.916

25.924

9.008

15.006 (16.877)

 

BMKB-Corona

    

11.636

11.636

214.636 (0)

 

Garantie Ondernemings-financiering (GO)

3.245

7.763

4.518

1.907

4.651

2.744

921 (4.098)

 

GO-Corona

    

1.999

1.999

176.999 (0)

 

Groeifaciliteit

2.017

3.012

995

5.216

5.384

168

‒ 9.110 (1.767)

 

Klein Krediet Corona

    

763

763

164.763 (0)

 

Microkredieten

 

182

182

 

347

347

 
 

Garantie MKB-financiering

 

253

253

 

223

223

10.517 (435)

Artikel 4 Een doelmatige energievoorziening en beperking van de klimaatverandering

Garantieregeling Aardwarmte

 

420

420

4.475

 

‒ 4.475

‒ 4.475 (420)

Totaal

 

28.944

48.826

19.882

28.514

50.927

22.413

 

Een risicovoorziening is een begrotingsreserve die altijd gekoppeld is aan een risicoregeling en wordt door de verantwoordelijke ministerie op een afzonderlijke rekening-courant bij het Ministerie van Financiën aangehouden. In de tabel ‘Overzicht verstrekte garanties’ wordt met ‘totaalstand risicovoorziening’ het saldo van de betreffende begrotingsreserve ultimo 2020 bedoeld. In de tabel ‘Overzicht uitgaven en ontvangsten garanties’ wordt met ‘mutatie risicovoorziening’ de storting (+) dan wel de onttrekking (-) aan deze begrotingsreserve bedoeld. De mutaties op de begrotingsreserves worden in het betreffende beleidsartikel toegelicht.

Artikel 2 Bedrijvenbeleid: innovatie en ondernemerschap voor duurzame welvaartsgroei

BMKB

De BMKB is bedoeld voor bedrijven die te weinig zekerheden (onderpand) kunnen bieden aan een bank. De bank vindt het risico dat het bedrijf zijn lening niet kan terugbetalen dan vaak te hoog. Via de BMKB staat de overheid borg voor het deel van de lening waar het bedrijf geen onderpand voor heeft. De bank kan voor dat deel dus terugvallen op de overheid. Op grond van de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies kunnen financiers kredieten die zij verstrekken aan MKB-ondernemers onder de werking van de regeling brengen. Hierdoor stelt de Staat zich voor 90% borg ten behoeve van de financier voor de terugbetaling van deze kredieten (de zogenaamde bedrijfsborgstellingskredieten). Eén van de voorwaarden die de regeling hieraan stelt, is dat de financier gelijktijdig met het verstrekken van een bedrijfsborgstellingskrediet, aan de MKB-ondernemer een ander krediet verstrekt, waarvoor deze borgstelling van de Staat niet geldt. Als hoofdregel geldt dat het bedrijfsborgstellingskrediet ten minste even groot moet zijn als het daarmee gelijktijdig afgesloten andere krediet. Het laatstgenoemde krediet bedraagt daarmee ten minste 100% van het bedrijfsborgstellingskrediet (verhouding 1:1). Voor starters en het innovatieve MKB gelden andere verhoudingen. Om de kredietverlening te stimuleren is per 1 november 2013 het maximum van het borgstellingskrediet verhoogd van € 1 mln naar € 1,5 mln en geldt voor bestaande bedrijven met een borgstellingskrediet tot maximaal € 200.000 de ruimere startersfaciliteit.

BMKB-Corona

Na de uitbraak van de COVID-19 pandemie heeft het Kabinet een coronaluik toegevoegd aan de BMKB. Hierbij staat de overheid voor per saldo 67,5% borg op krediet aan in de kern gezonde mkb-bedrijven. Er is in 2020 in totaal voor € 448,3 mln aan borgstellingen onder het coronaluik in de BMKB verstrekt. Er is in 2020 een bedrag van € 11,6 mln aan provisie ontvangen voor BMKB-C aanvragen. Er is voor de BMKB-Corona in 2020 geen beroep gedaan op de begrotingsreserve.

Garantie Ondernemingsfinanciering (GO)

Met het instrument GO kunnen banken een 50% Staatsgarantie krijgen op (middel)grote leningen vanaf € 1,5 mln. Door de verstrekking van een Staatsgarantie wordt het risico voor de bank op de ondernemingsfinanciering gereduceerd. Dit vergroot de mogelijkheden om te voorzien in de financieringsbehoefte bij het Nederlandse bedrijfsleven. In 2013 is de GO, naast de al bestaande mogelijkheid om bankgaranties onder de GO te brengen, ook opengesteld voor alternatieve aanbieders van garanties aan bedrijven.

GO-Corona

Het kabinet steunt bedrijven die krediet nodig hebben als gevolg van de Coronacrisis met een Staatsgarantie op bankleningen via de GO-C. Het betreft 80% garantie voor het grootbedrijf en 90% voor mkb-ondernemingen op leningen van maximaal € 150 mln. Er is in 2020 in totaal € 611,5 mln aan garanties verstrekt onder de GO-C. Er is 2020 een bedrag van € 2 mln aan provisie ontvangen voor GO-C aanvragen. Er is voor de GO-Corona in 2020 geen beroep gedaan op de begrotingsreserve.

Groeifaciliteit

Met de Groeifaciliteit worden bedrijven geholpen bij het aantrekken van risicodragend vermogen door een 50% Staatsgarantie te verstrekken op achtergestelde leningen van banken (ten hoogste € 5 mln) en op aandelen van participatiemaatschappijen (ten hoogste € 25 mln). De Groeifaciliteit kan ondernemingen in een groeifase, bij bedrijfsovernames en bij herstructureringen helpen bij het aantrekken van risicokapitaal. De regeling kent een horizonbepaling van 1 juli 2021. Het kabinet is echter voornemens de regeling te verlengen tot 1 juli 2023 (Kamerstuk 35 420, nr. 217).

Klein Krediet Corona (KKC)

Om getroffen ondernemers te helpen die geen kredietrelatie hebben met een bank of maar een kleine kredietbehoefte hebben is de garantieregeling KKC gestart voor kredieten tot € 50.000, met een looptijd van 5 jaar, 95% garantie en een premie van 2%. Er is in 2020 in totaal € 36,4 mln aan garantieverplichtingen verstrekt. Er is in 2020 een bedrag van € 0,8 mln aan premie ontvangen voor KKC aanvragen. Er is voor de KKC in 2020 geen beroep op de begrotingsreserve gedaan.

Microkredieten

In het Aanvullend Actieplan MKB-financiering uit 2014 is € 100 mln beschikbaar gesteld voor Microkredieten. Hierop is een garantie van € 86,7 mln verstrekt aan de Europese Investeringsbank voor de funding van de Stichting Qredits van € 100 mln voor de verdere groei van de dienstverlening van Qredits (micro- en MKB-krediet tot € 150.000) als de nieuwe dienstverlening van Qredits (werkkapitaal en de hogere MKB kredieten tot € 250.000). In 2017 is in dit kader een garantie van € 13,3 mln verstrekt aan de Council of Europe Bank (CEB) voor de funding van Qredits. In 2019 is daarnaast een garantie verstrekt van € 25 mln aan de Bank Nederlandse Gemeenten voor de funding van Qredits. In 2020 is een aanvullende garantie verstrekt van € 5 mln aan CEB.

Garantie MKB-financiering

In het kader van het Actieplan MKB-financiering uit 2014 is in totaal € 268,2 mln aan garanties verstrekt aan alternatieve financiers van het MKB.

Artikel 4 Een doelmatige en duurzame energievoorziening

Garantieregeling Aardwarmte

De garantieregeling Aardwarmte heeft als doel het afdekken van het financiële risico indien een boring van een put voor de toepassing van aardwarmte voor de borende partij minder oplevert dan verwacht. De garantieregeling dekt het risico dat een boring niet in een goede watervoerende laag uitkomt, waardoor het vermogen dat vooraf verwacht werd, niet wordt behaald. In dat geval wordt voor een deel van de gemaakte kosten een subsidie uitgekeerd, gerelateerd naar de mate waarin de aardwarmteboring mislukt is. Er wordt een premie van 7% gevraagd. De regeling richt zich zowel op gewone als diepe aardwarmte-projecten (dieper dan 3.500 meter).

Tabel 4 Overzicht verstrekte leningen (bedragen x € 1.000)
 

Artikel

Omschrijving

Uitstaande lening

Looptijd lening

Totaalstand risicovoorziening 2019

Totaalstand mutatie volume risicovoorziening 2020 en 2019

1

Artikel 2 Bedrijvenbeleid: innovatie en ondernemerschap voor duurzame welvaartsgroei

B.V. Finance Continuïteit IHC

40.000

onbepaald

nvt

nvt

2

Artikel 2 Bedrijvenbeleid: innovatie en ondernemerschap voor duurzame welvaartsgroei

Biopartner

13.524

1-7-2021

nvt

nvt

3

Artikel 2 Bedrijvenbeleid: innovatie en ondernemerschap voor duurzame welvaartsgroei

LIOF BioMedbooster

3.000

31-12-2020

nvt

nvt

4

Artikel 2 Bedrijvenbeleid: innovatie en ondernemerschap voor duurzame welvaartsgroei

MARIN

6.807

onbepaald

nvt

nvt

5

Artikel 2 Bedrijvenbeleid: innovatie en ondernemerschap voor duurzame welvaartsgroei

Microkrediet Ned (Qredits)

44.630

1-4-2045

nvt

nvt

6

Artikel 2 Bedrijvenbeleid: innovatie en ondernemerschap voor duurzame welvaartsgroei

Microkrediet Ned (SZW)

1.666

onbepaald

nvt

nvt

7

Artikel 2 Bedrijvenbeleid: innovatie en ondernemerschap voor duurzame welvaartsgroei

One Logistics

4.000

2-1-2025

nvt

nvt

8

Artikel 2 Bedrijvenbeleid: innovatie en ondernemerschap voor duurzame welvaartsgroei

Provincie Limburg

15.882

31-12-2023

nvt

nvt

9

Artikel 2 Bedrijvenbeleid: innovatie en ondernemerschap voor duurzame welvaartsgroei

Qredits

1.765

1-2-2026

nvt

nvt

10

Artikel 2 Bedrijvenbeleid: innovatie en ondernemerschap voor duurzame welvaartsgroei

Stichting Qredits Microfinanciering

25.000

15-6-2030

nvt

nvt

11

Artikel 3 Toekomstfonds

BOM Bioconnection 1-3161

1.084

onbepaald

nvt

nvt

12

Artikel 3 Toekomstfonds

BOM Capital I B.V. (COL 1)

15.000

31-12-2026

nvt

nvt

13

Artikel 3 Toekomstfonds

BOM Capital I B.V. (COL 2)

18.700

31-12-2026

nvt

nvt

14

Artikel 3 Toekomstfonds

BOM Capital I B.V. (Smart Photonics)

10.000

31-12-2030

nvt

nvt

15

Artikel 3 Toekomstfonds

BOM Life Science & Health Fund Brabant (Pivot Park)

2.000

31-12-2022

nvt

nvt

16

Artikel 3 Toekomstfonds

Corona OverbruggingsLening Regio Utrecht B.V. (COL 2)

13.050

31-12-2026

nvt

nvt

17

Artikel 3 Toekomstfonds

Horizon De Aanjager (COL 2)

2.900

31-12-2026

nvt

nvt

18

Artikel 3 Toekomstfonds

Horizon De Aanjager (COL 1)

1.800

31-12-2026

nvt

nvt

19

Artikel 3 Toekomstfonds

InnovationQuarter (COL 1)

21.200

31-12-2026

nvt

nvt

20

Artikel 3 Toekomstfonds

InnovationQuarter namens Noord Holland (COL 2)

53.550

31-12-2026

nvt

nvt

21

Artikel 3 Toekomstfonds

InnovationQuarter (COL 2)

40.600

31-12-2026

nvt

nvt

22

Artikel 3 Toekomstfonds

InnovationQuarter namens Utrecht (COL 1)

9.300

31-12-2026

nvt

nvt

23

Artikel 3 Toekomstfonds

InnovationQuarter namens Noord Holland (COL 1)

21.600

31-12-2026

nvt

nvt

24

Artikel 3 toekomstfonds

Innovation Quarter (Innogenerics)

5.700

ultimo 2026

nvt

nvt

25

Artikel 3 Toekomstfonds

Investeringsfonds Zeeland B.V. (COL 1)

1.800

31-12-2026

nvt

nvt

26

Artikel 3 Toekomstfonds

LIOF (COL 1)

5.800

31-12-2026

nvt

nvt

27

Artikel 3 Toekomstfonds

LIOF OverbruggingsFonds (COL 2)

7.000

31-12-2026

nvt

nvt

28

Artikel 3 Toekomstfonds

N.V. Economische Impuls Zeeland (COL 2)

2.066

31-12-2026

nvt

nvt

29

Artikel 3 Toekomstfonds

Nedermaas Hightech Ventures

8.542

30-6-2021

nvt

nvt

30

Artikel 3 Toekomstfonds

NOM (COL 2)

6.375

31-12-2026

nvt

nvt

31

Artikel 3 Toekomstfonds

NOM (COL 1)

7.800

31-12-2026

nvt

nvt

32

Artikel 3 Toekomstfonds

NWO (Toegepaste en Technische Wetenschappen) 2019, 2020 en 2021

5.100

31-12-2032

nvt

nvt

33

Artikel 3 Toekomstfonds

NWO (Toegepaste en Technische Wetenschappen) 2018, 2019

7.200

31-12-2030

nvt

nvt

34

Artikel 3 Toekomstfonds

Ontwikkelingsmaatschappij Oost-Nederland N.V. (COL 1)

15.700

31-12-2026

nvt

nvt

35

Artikel 3 Toekomstfonds

Ontwikkelingsmaatschappij Oost-Nederland N.V. (COL 2)

22.500

31-12-2026

nvt

nvt

36

Artikel 3 Toekomstfonds

Participatiemij Oost Nederland NV DVI-2

53.500

1-1-2035

nvt

nvt

37

Artikel 3 Toekomstfonds

Participatiemij Oost Nederland NV DVI-I

94.073

1-1-2030

nvt

nvt

38

Artikel 3 Toekomstfonds

StW 2014-2015

3.808

Onbepaald

nvt

nvt

39

Artikel 3 Toekomstfonds

StW 2016-2017

9.200

Onbepaald

nvt

nvt

40

Artikel 4 Een doelmatige energievoorziening en beperking van de klimaatverandering

Ambigo V.O.F.

4.080

31-12-2027

nvt

nvt

41

Artikel 4 Een doelmatige energievoorziening en beperking van de klimaatverandering

EBN BV

7.000

31-12-2032

nvt

nvt

42

Artikel 4 Een doelmatige energievoorziening en beperking van de klimaatverandering

ECN

40.000

31-7-2027

nvt

nvt

43

Artikel 4 Een doelmatige energievoorziening en beperking van de klimaatverandering

ECN/NRG

78.154

31-12-2026

nvt

nvt

44

Artikel 4 Een doelmatige energievoorziening en beperking van de klimaatverandering

Fibrant

2.143

31-12-2034

nvt

nvt

45

Artikel 4 Een doelmatige energievoorziening en beperking van de klimaatverandering

Fibrant

7.143

31-12-2034

nvt

nvt

46

Artikel 4 Een doelmatige energievoorziening en beperking van de klimaatverandering

Fibrant

20.714

31-12-2034

nvt

nvt

47

Artikel 4 Een doelmatige energievoorziening en beperking van de klimaatverandering

Pallas

41.702

1-1-2022

nvt

nvt

De opname van de financieringen van overbruggingsleningen inzake de coronamaatregelen heeft er toe geleid dat in de saldibalanspost vorderingen de rubricering van leningen en geconditioneerde vorderingen is herzien. Om te komen tot een meer eenduidige indeling is de regeling of verplichting tot terugbetaling nadrukkelijker het uitgangspunt. Hierdoor zijn een aantal geconditioneerde vorderingen ten opzichte van 2019 verschoven naar de leningen.

1 IHC

Dit betreft de overbruggingsfaciliteit voor Royal IHC. De looptijd kent een uitloop die afhankelijk is van het uiteindelijke moment van volledige oplevering van een omvangrijk project bij IHC.

2 Biopartner

Dit betreft een in het jaar 2000 verstrekte lening ten behoeve van een start-up participatiefonds life sciences. De lening is verlengd tot 1 juli 2021 om tot een definitieve afwikkeling te komen.

3 LIOF Biomedbooster

Dit betreft een in 2006 verstrekte lening aan LIOF ten behoeve Biomedbooster B.V. De lening zal worden verlengd tot medio 2021 ten behoeve van de afwikkeling van de leningovereenkomst.

4 MARIN

De lening van € 6,8 mln is in 2003 tussen de Staat en MARIN vastgelegd in een aangepaste overeenkomst van geldlening, in verband met de in 2003 opgerichte MARIN Stakeholders Association (MSA). In deze overeenkomst is bepaald dat MARIN is vrijgesteld van aflossingsverplichting voor zover de MSA voor ten minste het bedrag van de lening deelnemersovereenkomsten heeft gesloten.

5 Microkrediet Nederland (Qredits)

Dit betreft een achtergestelde lening aan stichting Qredits voor het verstrekken van micro- en mkbkrediet aan ondernemers

6 Microkrediet Nederland (Qredits SZW)

Dit betreft een achtergestelde lening aan stichting Qredits voor het verstrekken van microkrediet aan ondernemers

7 Onelogistics

Dit betreft een in 2018 verstrekte lening aan Onelogistics ten behoeve van de voorbereidingen van een warehouse voor de opslag, het beheer en verzending van F-35 onderdelen op het Logistiek Centrum Woensdrecht.

8 Provincie Limburg

Dit betreft een lening aan de Provincie Limburg in het kader van Industriepark Swentibold

9 Qredits (pilot achtergestelde leningen fonds)

Dit betreft een subsidie met terugbetaalverplichting in het kader van de pilot achtergestelde leningenfonds van Qredits.

10 Stichting Qredits microfinanciering

Dit betreft een lening aan Qredits ten behoeve van het verstrekken van overbruggingskredieten aan ondernemers.

11 BOM BioConnection

Dit betreft een in 2005 aan de Brabantse Ontwikkelingsmaatschappij (BOM) verstrekte lening ten behoeve van BioConnection B.V.

12 BOM Capital I B.V. COL 1

Dit betreft een lening aan de Brabantse Ontwikkelingsmaatschappij B.V. ten behoeve van het verstrekken van Corona overbruggingsleningen aan ondernemingen.

13 BOM Capital I B.V. COL 2

Dit betreft een lening aan de Brabantse Ontwikkelingsmaatschappij B.V. ten behoeve van het verstrekken van Corona overbruggingsleningen aan ondernemingen.

14 BOM Capital I B.V. Smart Photonics

Dit betreft een lening aan de Brabantse Ontwikkelingsmaatschappij (BOM) ten behoeve van de investering in Smart Photonics, een Eindhovense scale-up voor de productie van fotonische chips.

15 BOM Life Sciences & Health Fund

Dit betreft een lening aan de Brabantse Ontwikkelingsmaatschappij die in 2013 is verstrekt ten behoeve van de ontwikkeling van de Life Sciences & Health sector in Noord-Brabant.

16 Corona OverbruggingsLening Regio Utrecht B.V. (COL 2)

Dit betreft een lening aan COL RU ten behoeve van het verstrekken van Corona overbruggingsleningen aan ondernemingen.

17 Horizon de Aanjager (COL 2)

Dit betreft een lening aan Horizon de Aanjager ten behoeve van het verstrekken van Corona overbruggingsleningen aan ondernemingen in de provincie Flevoland.

18 Horizon de Aanjager (COL 1)

Dit betreft een lening aan Horizon de Aanjager ten behoeve van het verstrekken van Corona overbruggingsleningen aan ondernemingen in de provincie Flevoland.

19 Innovation Quarter (COL 1)

Dit betreft een lening aan Innovation Quarter ten behoeve van het verstrekken van Corona overbruggingsleningen aan ondernemingen.

20 Innovation Quarter namens Noord Holland (COL 2)

Dit betreft een lening aan Innovation Quarter ten behoeve van het verstrekken van Corona overbruggingsleningen aan ondernemingen in de provincie Noord Holland.

21 Innovation Quarter (COL 2)

Dit betreft een lening aan Innovation Quarter ten behoeve van het verstrekken van Corona overbruggingsleningen aan ondernemingen.

22 Innovation Quarter namens Utrecht (COL 1)

Dit betreft een lening aan Innovation Quarter ten behoeve van het verstrekken van Corona overbruggingsleningen aan ondernemingen in de provincie Utrecht.

23 Innovation Quarter namens Noord Holland (COL 1)

Dit betreft een lening aan Innovation Quarter ten behoeve van het verstrekken van Corona overbruggingsleningen aan ondernemingen in de provincie Noord Holland.

24 Innovation Quarter (Innogenerics)

Dit betreft een lening aan Innovation Quarter voor de investering in Innogenerics B.V. ten behoeve van de overname van de geneesmiddelen fabrikant Apotex.

25 Investeringsfonds Zeeland B.V. (COL 1)

Dit betreft een lening aan Investeringsfonds Zeeland B.V. ten behoeve van het verstrekken van Corona overbruggingsleningen aan ondernemingen.

26 LIOF (COL 1)

Dit betreft een lening aan de Regionale Ontwikkelingsmaatschappij LIOF ten behoeve van het verstrekken van Corona overbruggingsleningen aan ondernemingen.

27 LIOF OverbruggingsFonds (COL 2)

Dit betreft een lening aan de Regionale Ontwikkelingsmaatschappij LIOF ten behoeve van het verstrekken van Corona overbruggingsleningen aan ondernemingen.

28 Investeringsfonds Zeeland (COL 2)

Dit betreft een lening aan Investeringsfonds Zeeland B.V. ten behoeve van het verstrekken van Corona overbruggingsleningen aan ondernemingen.

29 Nedermaas Hightech Ventures

Dit betreft een in 2009 aan de Regionale Ontwikkelingsmaatschappij LIOF verstrekte lening ten behoeve van Nedermaas Hightech Ventures, een nieuw venture-capital fonds dat zich richt op de vroege financiering van hightech start up's in de Provincie Limburg.

30 NOM (COL 2)

Dit betreft een lening aan de Noordelijke Ontwikkelingsmaatschappij (NOM B.V.) ten behoeve van het verstrekken van Corona overbruggingsleningen aan ondernemingen.

31 NOM (COL 1)

Dit betreft een lening aan de Noordelijke Ontwikkelingsmaatschappij (NOM B.V.) ten behoeve van het verstrekken van Corona overbruggingsleningen aan ondernemingen.

32 NWO (Toegepaste en Technische Wetenschappen) 2019, 2020 en 2021

Dit betreft een lening aan NWO voor het verstrekken van kredieten aan ondernemingen in het kader van regeling vroegefasefinanciering.

33 NWO (Toegepaste en Technische Wetenschappen) 2018, 2019

Dit betreft een lening aan NWO voor het verstrekken van kredieten aan ondernemingen in het kader van regeling vroegefasefinanciering.

34 Oost NL N.V. (COL 1)

Dit betreft een lening aan de Regionale Ontwikkelingsmaatschappij Oost. N.V. ten behoeve van het verstrekken van Corona overbruggingsleningen aan ondernemingen.

35 Oost NL N.V. (COL 2)

Dit betreft een lening aan de Regionale Ontwikkelingsmaatschappij Oost. N.V. ten behoeve van het verstrekken van Corona overbruggingsleningen aan ondernemingen.

36 Oost NL N.V. DVI-2

Dit betreft een lening aan Oost NL N.V. ten behoeve van het Dutch Venture Initiative II

37 Oost NL N.V. DVI

Dit betreft een lening aan Oost NL N.V. ten behoeve van het Dutch Venture Initiative

38 StW 2014-2015

Dit betreft een lening aan de Stichting Technische Wetenschappen voor het vertrekken van kredieten in het kader van de regeling Vroegefase-financiering.

39 StW 2016-2017

Dit betreft een lening aan de Stichting Technische Wetenschappen voor het vertrekken van kredieten in het kader van de regeling Vroegefase-financiering.

40 Ambigo V.O.F.

Deze lening is in 2017 verstrekt voor de ontwikkeling van een duurzame biomassavergassingsinstallatie. De lening zal naar verwachting in 2021 worden terugbetaald.

41 EBN

De achtergestelde lening tegen 0% rente van in totaal € 48 mln van EZK is bedoeld voor investeringen in geothermieprojecten in Nederland in de komende vijf jaar volgens het businessplan genaamd ‘Masterplan Aardwarmte’. Er is door EZK gekozen voor verplichte deelname van EBN in deze geothermieprojecten. De lening wordt verstrekt aan EBN bv, die deze lening doorstort als agio in EBN Aardwarmte bv. Deze dochter krijgt zo een solvabiliteit van 30%. Verder zal EBN eigen overtollige kasmiddelen inzetten als een groepslening van EBN bv aan EBN Aardwarmte bv, waarmee voor 70% van de kapitaalbehoefte van de dochter EBN Aardwarmte bv gedekt wordt. EBN zal samen met professionele marktpartijen risicodragend deelnemen in projecten via haar dochter voor 20% tot 40%.

42 ECN

In 2016 is aan ECN een lening verstrekt van € 40 mln voor het verwerken en afvoeren van historisch radioactief afval in Petten.

43 NRG

Aan Stichting Nuclear Research and Consultancy Group (NRG) is een lening verstrekt voor het uitwerken en uitvoeren van een Herstelplan, in algemene zin gericht op de continuïteit van de bedrijfsvoering van NRG en in het bijzonder op het scheppen van de noodzakelijke financiële, technische, commerciële en organisatorische voorwaarden voor het in bedrijf houden van de Hoge Flux Reactor (HFR).

44 t/m 46 Fibrant

De leningen aan Fibrant zijn verstrekt vpor investeringen in (de ombouw van) installaties teneinde de uitstoot van lachgas (als CO2 equivalent) te reduceren. Hiermee worden drie projecten uitgevoerd met een totale lachgasreductie van ruim 0,6 Mton CO2 equivalent.

47 Pallas

Aan de Stichting Voorbereiding Pallas-reactor is een lening verstrekt voor fase 1 van de totstandkoming van een nieuwe hoge fluxreactor (de Pallas-reactor), die bestemd is voor de productie van medische en industriële radio-isotopen en voor nucleair technologisch onderzoek.

4

Kamerstuk 35 300, nr. 83

5

Kamerstuk 29 826, nr. 124

8

Kamerstuk 33 009, nr. 91

10

Kamerstuk 33 009, nr. 96

11

Kamerstuk 32 637, nr. 316

12

Kamerstuk 32 637, nr. 437

13

Kamerstuk 32 420, nr. 75

14

Kamerstuk 35 570, nr. 75

15

Kamerstuk 22 112, nr. 2859

16

Kamerstuk 22 112, nr. 2862

17

Kamerstuk 22 112, nr. 2862

18

Kamerstuk 22 112, nr. 2865

19

Kamerstuk 22112, nr. 2864

21

Kamerstuk 22 112, nr. 2917

22

Kamerstuk 35 393, nr. 12

25

Kamerstuk 30 821, nr. 92

27

Kamerstuk 21501-33, nr. 823

28

Kamerstuk 30 821, nr. 115

29

Kamerstuk 30 821, nr. 122

30

Kamerstuk 26 643, nr. 709

31

Kamerstuk 26 643, nr. 709

34

Kamerstuk 35 368, nr. 6

35

Kamerstuk 35 134, nr. 13

37

Kamerstuk 35 421, nr. 14

38

Kamerstuk 35 423, nr. 3

39

Kamerstuk 35 377, nr. 1

40

Kamerstuk 32 813, nr. 609

41

Kamerstuk 32 813, nr. 609

42

Kamerstuk 32 813, nr. 193 en Kamerstuk 32 813, nr. 644

43

Bijlagen bij Kamerstuk 32 813, nr. 268, Kamerstuk 32 813, nr. 321

44

Kamerstuk 32 813, nr. 496

45

Kamerstuk 32 813, nr. 568

46

Kamerstuk 29 696, nr. 15

47

Kamerstuk 29 826, nr. 123

48

Kamerstuk 35 575, nr. 15

49

Kamerstuk 30 196, nr. 669

50

Kamerstuk 30 196, nr. 704

51

Kamerstuk 30 196, nr. 704

52

Kamerstuk 30 196, nr. 743

54

Kamerstuk 33 529, nr. 830

Licence